ONDERZOEK: SEKSUEEL MISBRUIK MIDDELS VISUELE WEERGAVEN

EEN KORTE UITLEG

  • De rechten van slachtoffers worden geschonden. Het gaat over een schending van privacy, een schending van seksuele autonomie, en onmenselijke behandeling door seksuele objectificatie zonder toestemming.
  • De handelingen van daders leiden in principe tot grote schade. Wanneer het slachtoffer overleden is, zich (vooralsnog) onbewust is van slachtofferschap, of claimt dat de gevolgen niet zo ernstig zijn kan het lijken alsof de schade niet voorkomt. In het strafrecht is echter gebruikelijk dat de schade een in principe schade is: levert een bepaalde handeling normaal gesproken schade, of een groot risico op die schade op, dan wordt die schade als gevolg van de handeling gezien.
  • Seksueel misbruik middels visuele weergaven tast de (online) veiligheid van voornamelijk vrouwen aan. Vrouwen worden beperkt in hun bewegingsvrijheid (of beperken zichzelf daarin) om te voorkomen dat ze slachtoffer worden van dit soort handelingen.

Seksueel misbruik met visuele weergaven is een vorm van ernstig seksueel misbruik. Slachtoffers vertonen dezelfde trauma-symptomen als slachtoffers van verkrachting. Desondanks worden daders nauwelijks aangepakt, en kunnen ook ‘tweedegraads’ daders de beelden straffeloos blijven verspreiden. Daardoor worden de mensenrechten van slachtoffers ernstig geschonden. Staten hebben de verplichting om mensenrechten te beschermen. Voor slachtoffers van dit soort seksueel misbruik gebeurt dat (nog) nauwelijks.

In mijn promotieonderzoek ga ik na wat de voorwaarden voor strafbaarstelling in het algemeen zijn, en of ‘wraakpornografie’ daaraan kan voldoen. Een van de voorwaarden voor strafbaarstelling is dat de handeling van de dader de rechten van het slachtoffer schendt. Dat is waar mijn onderzoek zich voornamelijk op richt: er is nog weinig bekend of geschreven over de rechtenschendingen die bij ‘wraakpornografie’ komen kijken. Heel kort gezegd gaat het over de inbreuk die wordt gemaakt op de seksuele autonomie van het slachtoffer, het recht op privacy van het slachtoffer, en de objectificatie die door de publicatie van beeldmateriaal tot stand komt. Ik ga na hoe deze rechtenschendingen zich tot elkaar en tot het concept ‘seksueel misbruik met visuele weergaven’ verhouden.

Emma Holten vertelt over haar ervaring als slachtoffer van seksueel misbruik middels visuele weergaven (Engelstalig),

Een andere voorwaarde van strafbaarstelling is dat de handeling van de dader (in principe) schadelijk is. Daar is zowel vanuit de wetenschap als vanuit de praktijk al veel meer over bekend: ‘wraakpornografie’ heeft vreselijke gevolgen voor slachtoffers, die zich vaak volledig geïsoleerd, afgewezen en veroordeeld voelen. In meerdere gevallen pleegden slachtoffers zelfmoord. Ik heb veel bewondering voor slachtoffers die, ondanks al het leed dat hun al is aangedaan en de hoeveelheid ellende die ze daardoor van alle kanten over zich heen kregen, toch heel duidelijk en plankgas activisme tegen dit soort misbruik voeren. Emma Holten weet in deze video haarfijn uit te leggen wat het probleem van wraakpornografie is: niet de naaktheid zelf (al zullen veel mensen liever helemaal niet naakt in het openbaar verschijnen) maar het feit dat het zonder haar toestemming gebeurde: slachtoffers wordt de autonomie over de zichtbaarheid van hun naaktheid en seksualiteit ontnomen.

Een andere vrouw wiens verhaal veel indruk op mij maakt, is Annmarie Chiarini. Zij schreef een aangrijpend stuk over haar slachtofferschap en de noodzaak voor (goede) wetgeving in The Guardian. Ze schrijft: “I begged and pleaded for him not to carry out his threat. Then he said the words that would change the course of my life: “I will destroy you.” I called the Baltimore County police and through my sobs tried to explain what was happening and why I needed help. The dispatcher sent an officer to my home who looked down on me as I explained that I wanted him to stop a threat. It was the first of many times I would be told, “There is nothing I can do. No crime had been committed.””

Nadat haar ex-vriend zijn dreigement uitvoerde, stond ze nog steeds alleen.

“I called the police and again an officer stood in my home, looked down on me and said, “Nothing we can do. No crime here.” I went to a local police precinct hoping someone else would know more than the cops I spoke with. I stood by fighting tears while three officers looked over the auction printouts I brought and snickered. The blond one who finally came over to talk to me seemed amused. It was my first experience with overt victim blaming. And because it came from someone charged to protect and serve, it drove my shame and embarrassment to a paralyzing level.”

[…]

Since I don’t have that peace, I still face some of the fears I did the day I first brought my case to law enforcement, but I have embraced my role as the voice for those who have not yet found their voices. And I will speak up.”

(Klik hier voor een externe link naar het volledige artikel op The Guardian).